Van der Vaart: ‘Ajax dé opleiding’

Rafael van der Vaart beseft nog steeds als geen ander dat hij zijn carrière aan Ajax te danken heeft. De Heemskerker kijkt in een uitgebreid interview met De Volkskrant, samen met zijn vader Ramon, terug op vroeger. Daar komt ook Ajax aan bod.

Een anekdote van Van der Vaart: ‘Ajax is dé opleiding. Daar moet je gewoon je mond houden. Ik herinner me Jan de Koning, mijn eerste trainer. Van hem droop de kwaliteit af. Hij was streng, maar op een leuke manier. Ik merkte dat ik binnen een paar weken veranderde van een voetballertje voor wie het tempo te hoog was in een speler die meeging in het tempo. Dat was een kwestie van talent, maar ik leerde ook snel bij. Bij De Kennemers was het dribbelen, dribbelen. Nu kreeg ik een balletje mee in een netje, waarmee je oefeningen moest doen. Hooghouden en zo. Je kreeg huiswerk mee, je moest een trucje voordoen voor de groep.’

Uiteindelijk werd het serieus onder John van ’t Schip. ‘Toen ik in de B-tjes speelde, ging ik geloven dat ik prof kon worden. Mijn jaar in B2 was niet zo goed, maar een jaar later, in B1, merkte ik: het gaat de goede kant op. Ik kreeg heel veel vertrouwen van Van ’t Schip. Ik scoorde vaak, ook als spits. In A1 heb ik zelfs vaak als inschuivende centrale verdediger gespeeld. Ik scoorde 15 keer in A1. Toen was Van ’t Schip ook mijn trainer. Dan groei je naar een profbestaan toe. Iedereen heeft het over je, je hoort trainers praten. Het profbestaan is moeilijk. Ik kwam op mijn 17de in het eerste van Ajax. Ik scoorde aan de lopende band. Op een gegeven moment voel je je het mannetje. Je krijgt een auto waarin je net iets te hard rijdt. Dan heb je de juiste mensen om je heen nodig om je naar beneden te trekken.’

Tekst: Ajaxshowtime.com

Related posts